De voortuin is vakantieoord
mijn paradijs op aard
de katten zijn een junglesoort
bont gras sierappeltaart.
De halmen wuiven vriendelijk
oranje hommelkont
het vliegt en zoemt toegefelijk
geel paars geklokt of rond.
Mijn tuin en ik zijn bondgenoot
talen niet naar elkaar
het onbeduidend deel is groot
woordloos en toch heel klaar.
De grenzen tussen ons vervaagd
zijn wij niet identiek
samen amen onversaagd
kauwduifmusmeesmuziek.
