Independent scholar, cat addict, tattoo lover

Op 25 en 26 augustus bezocht ik het door de Baak, NVO2 en de Ooa georganiseerde Learning Lane. Een bezoek aan de workshops Deugden en Zonden van Leiderschap leverde vooral een verzameling ingrediënten op, maar geen samenhangend geheel. Een goede aanleiding om eens bij deugden en zonden stil te staan. Het klassieke rijtje zonden - hovaardigheid, nijd, traagheid, gierigheid, onkuisheid, gramschap en gulzigheid - biedt voldoende basis voor een overpeinzing over zondig leiderschap, alhoewel in mijn ogen in dat rijtje de grootste zonde van een leider ontbreekt: domheid.

Volgens de christelijke leer wordt de mens als zondaar geboren en zijn slechts weinigen in staat om deze tijdens het leven af te werpen. Voor een deugdzaam leven is het overigens niet voldoende om het tegenovergestelde van de zonden te praktiseren. Nederigheid, barmhartigheid, snelheid, generositeit, kuisheid, vergevingsgezindheid en ascese bieden zeker richtlijnen voor voorzichtigheid, rechtvaardigheid, sterkte en matigheid, maar er wordt geen hiërarchie aangereikt. Daardoor moeten we kiezen welke deugden we het belangrijkste vinden. Maar de veelheid aan deugden-ethiekjes scheppen verwarring en kunnen zondig gedrag uitlokken. Een voorbeeld. Ik koop op straat een daklozenkrant. Niet alleen omdat ik geïnteresseerd ben in de inhoud, maar ook omdat ik denk iets goeds te doen. De verkoper mag immers een deel van de omzet houden. Diezelfde dag kom ik een tweede verkoper tegen. Ik wil ook hem graag financieel steunen, maar heb al een krant en een tweede kopen zou onmatig zijn. Zou ik hem alleen geld geven, dan is dat hooghartig. Want het idee van het kopen van een krant is juist dat je mensen in hun waarde laat. Hoe zorgvuldiger ik aandacht besteed aan dit dilemma, des te schuldiger ik me maak aan traagheid. Daarom wekt deze tweede man mijn gramschap op, zonder iets méér te doen dan met zijn kranten in mijn blikveld te staan.
In het professionele leven heten dit soort conflictueuze vraagstukken beroepsdilemma’s. In zowel het geval van de daklozenkrant als bij beroepsdilemma’s gaat het veelal om een vraag die op zichzelf niet zo lastig zou zijn, als de vraag niet vaker dan één keer zou worden gesteld. Daardoor kun je niet routineus handelen, zonder één van de zonden te begaan. Het enige wat je dan kunt doen, is voor één discours kiezen en daarbij blijven. Je koopt een tweede krant en laat rechtvaardigheid prevaleren door onmatig te zijn, óf je doet het niet en verkiest matigheid door gierig te zijn. De keuze voor de logica is een persoonlijke keuze die ergens tussen twee extremen genomen moet worden. De workshops over leiderschap demonstreerden dat we deugden en zonden op meerdere – elkaar soms uitsluitende – manieren invullen.

Sancta Simplicita
Kennis en het christendom hebben een moeizame verhouding. Het is niet voor niets dat Adam en Eva het paradijs zijn uitgejaagd na het eten van de boom der wijsheid (goed en kwaad). Wijsheid, de belangrijkste deugd bij Plato, komt in de kerkelijke deugden niet voor en voorzichtigheid, onbekend bij Plato, wél. Onschuld en onnozelheid zijn synoniemen geworden van onwetendheid. De hovaardige (ijdele) mens stelt zich buiten de autoriteit van en daarmee gelijk aan de alwetende God. Lange tijd was dit aanleiding voor een politiek van (zelf)verduistering. In De encyclopedie van de domheid (2002) onderscheidt Matthijs van Boxsel naast deze klassieke ook de moderne en de postmoderne domheid. Moderne domheid is niet zien dat de schijn onze realiteit structureert. Als we zouden beseffen dat de werkelijkheid illusoir is, dan zou dat niet alleen een einde maken aan de waan, maar ook aan de wereld die functioneert bij de gratie van de waan. In termen van Cornelis (1998): we zijn verwikkeld in catastrofale leerprocessen wanneer we de oplossingen voor een probleem zoeken in een systeem dat de antwoorden daarvoor niet heeft. We moeten de dwaalsluiers van het sociale regelsysteem afwerpen om te komen tot communicatieve zelfsturing, het vermogen om aan onze eigen ontwikkeling en daarmee die van de mensheid recht te doen. Postmoderne domheid, ten slotte, is de verlichte domheid waarmee we willens en wetens de schijnwerkelijkheid in stand houden en blijven doen alsof. Voor mij is de grootste zonde voor een leider dan ook zich van de domme houden.

Literatuur
Boxsel, M. van (2002). De encyclopedie van de domheid. Amsterdam: Querido.
Cornelis, A. (2000). Logica van het gevoel. Filosofie van de Stabiliteitslagen in de Cultuur als Nesteling der Emoties. Amsterdam: Essence (negende druk).

 

Basten (2005). Leiderschap en zonden. Gastcolumn. Opleiding & Ontwikkeling, 12 (24).
Aan te vragen via floorbasten@orleon.nl